Een kapitale blunder? door Rick Nieman

Rick NiemanHet zal toch niet? Het zal toch niet, dat de strenge bezuinigingsmaatregelen die de Europese Unie oplegt aan haar lidstaten, en die zoveel ellende veroorzaken in vooral Zuid-Europa, dat die gebaseerd zijn op foute aannames?

Het zal toch niet, dat al die bezuinigingsmaatregelen die er ook bij ons zo hard inhakken, dat die eigenlijk onnodig zijn?

Terwijl u dit leest, houden het IMF en de Wereldbank in Washington hun grote gezamenlijke voorjaarsbijeenkomst. Voornaamste onderwerp van discussie: moeten we onverkort blijven vasthouden aan het terugdringen van overheidstekorten en staatsschulden, of moeten we de teugels laten vieren en misschien zelfs juist meer geld uitgeven om zo de economische groei te stimuleren?

Voorstanders van die eerste koers – de Europese Commissie onder leiding van EU commissaris Olli Rehn, Duitsland onder leiding van minister van Financiën Wolfgang Schäuble, de Eurogroep onder leiding van onze eigen Jeroen Dijsselbloem -, baseren zich vaak op een gezaghebbende studie van twee economen van Harvard University, Carmen Reinhart en Kenneth Rogoff. Uit hun onderzoek uit 2010 zou blijken dat in landen waar de staatsschuld hoger is dan 90 procent van het bruto nationaal product, de economische groei gemiddeld 1 procent lager is dan in landen met een kleinere staatsschuld.

“Als de cijfers waarop jij je baseert niet kloppen, wat moet je dan?”

Maar uit een nieuwe studie van economen van de University of Massachusetts die deze week uitkwam, zou blijken dat de Harvard professoren er naast zaten. En niet zo’n beetje ook: de economische groei in landen met een staatsschuld groter dan 90 procent van het BNP, zou gemiddeld niet -0,1 procent bedragen, maar +2,2 procent!

Het maakt het er voor onze beleidsmakers niet makkelijker op. Want als de cijfers waarop jij je baseert niet kloppen, wat moet je dan? De economen Steven D. Levitt en Stephen J. Dubner waarschuwen al jaren voor het gevaar van het hebben van een rotsvast vertrouwen in (economische) cijfers. In hun bestseller Superfreakonomics citeren ze de ene bizarre studie na de andere om aan te geven dat je de statistieken a) niet altijd kunt vertrouwen, en b) en dat zelfs op het oog betrouwbare cijfers voor meerdere interpretaties vatbaar zijn.

Nu is die kennis niet nieuw, zeggen ook Levitt en Dubner zelf: ze citeren met instemming uit een essay van Mark Twain uit 1871. In ‘Het gevaar van in bed liggen’, deed Twain uit de doeken dat het treinverkeer tussen New York en Rochester in een half jaar tijd tussen de 13 en 23 dodelijke slachtoffers maakte, afhankelijk van welke slachtoffers je meerekende. (Het treinverkeer was sowieso een stuk minder veilig, toen.) In die zes maanden werden er op dat ene traject een miljoen passagiers vervoerd. In de stad New York woonde destijds ook circa een miljoen mensen, waarvan er in een periode van zes maanden 13.000 stierven in hun bed.

Twain trok dan ook de enig mogelijke conclusie: ‘Ik zal nooit meer in een bed slapen!’ Wat het nog ingewikkelder maakt, is dat mensen die de cijfers foutief interpreteren hun gedrag daar zo op aanpassen dat daar weer onverwachte gevolgen door ontstaan.

Na de aanslagen van elf september, bijvoorbeeld, ruilden in Amerika veel mensen het vliegtuig in voor de auto. Maar omdat autorijden per afgelegde kilometer veel gevaarlijker is dan reizen door de lucht, vielen er na ‘nine-eleven’ duizenden doden meer op de Amerikaanse wegen dan in de maanden daarvoor. Meer zelfs dan bij de aanslagen op het WTC en het Pentagon.

“Je moet dus oppassen, met cijfers. Hoewel: soms weet je dat ze wél klopppen”

Gelukkig had de daling van het aantal luchtvaartpassagiers ook voordelen: de griepepidemie in de Verenigde Staten was in de winter van 2001/2002 veel milder dan gemiddeld. Waarschijnlijk, schrijven Levitt en Dubner, omdat het griepvirus zich normaal gesproken snel door het hele land verspreid door mee te reizen met zieke passagiers, die in de besloten ruimte van een vliegtuig makkelijk medepassagiers aansteken. En omdat griep nu eenmaal de nodige slachtoffers maakt onder zwakkeren en ouderen, heeft ‘nine-eleven’ zo de nodige levens bespaard.

Je moet dus oppassen, met cijfers.

Hoewel: soms weet je dat ze wél kloppen. Dat de werkloosheid in Nederland de laatste maanden razendsnel oploopt, dat weten we zeker. En we weten ook zeker dat iedere werkloze die er bij komt, een drama is. Voor hem of haar zelf, en voor zijn of haar omgeving.

Daar moeten we dus iets aan doen. En als we niet exact weten wat, omdat de studies waarop we ons baseren mogelijk niet goed zijn, moeten we misschien maar teruggrijpen naar ons eigen gezonde verstand.

Dus in plaats van dat de premier een vage, algemene oproep aan ons doet om toch vooral geld uit te geven – omdat ‘consumentenbestedingen de economie stimuleren’ – moet hij misschien met een concreter plan komen. We kunnen immers wel een nieuwe auto gaan kopen, zoals Rutte graag wil, maar 99 procent van alle auto’s die in ons land rondrijden worden in andere landen gemaakt. Dus wat heeft een werkloze in Groningen er aan als zijn buurman een nieuwe Kia koopt?

Ik ben geen econoom, en geen politicus. Maar ik weet dat de meeste banen bij ons verloren zijn gegaan in de bouw. Dus, zou ik zeggen, waarom bouwen we dan niet iets? Iets waaraan we allemaal iets hebben, nu of straks. Nieuwe gelijkvloerse bejaardenwoningen, bijvoorbeeld, voor onze snel vergrijzende bevolking. Nieuwe ziekhuizen of scholen. Nieuwe windmolenparken, zonne-energiepanelen of waterkrachtcentrales. Of nieuwe nationale natuurparken. Amsterdammers genieten nog steeds massaal van het Amsterdamse Bos dat in de crisis van de jaren dertig is aangelegd door mensen zonder baan.

Zo moeilijk kan dat toch niet zijn? Kom op Mark, je bent een creatieve vent. Wat ga jij laten bouwen om ons uit de crisis te helpen? Ik ben benieuwd.

In zijn vaak onthullende columns op de RTL nieuws website: http://blogs.rtlnieuws.nl/rick-nieman zet Rick Nieman bewapend met scherp inzicht en goed onderbouwde kennis van zaken zet hij de nieuwsfeiten vaak nog even op scherp, en opnieuw op een rijtje..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *