Het grote loslaten 21 – Papa

De grote achterkamer is leeg. De plafonds zijn hoog en de muren smetteloos wit. Is het een nieuwe woning die zojuist is opgeleverd? Jij staat daar, in het midden van de kale ruimte. In je vrijetijdskloffie: zuiver scheerwollen houthakkersshirt en terlenka broek. Je oogt verwilderd. Je diepbruine ogen spuiten vuur vanachter je gedateerde montuur. Je mooie zwarte haar, dat anders keurig in een scheiding op je hoofd plakt, piekt warrig.

 

Ik hoor mijn tweelingziel Bianca waarnaast ik dagelijks gelukkig wakker word, met stemverheffing tegen je praten vanuit het kleine kamertje ernaast. Die is verder ook leeg en ik vermoed dat zij ergens druk mee bezig is. Haar stemt klinkt hol in de witte leegte, maar ik voel de irritatie erin. Jij kennelijk ook want jij ontsteekt in woede. Hard hoor ik je stem galmen. Ik meen boosheid en frustratie te beluisteren. Machteloosheid. En misschien een vleugje wanhoop.
Ik sta in de voorkamer die door twee besierglaasde schuifdeuren met aan weerszijden witte grenen kasten van de achterkamer is gescheiden. Ik zie je tekeer gaan. En dan doe ik iets wat ik niet eerder heb gedaan. Misschien omdat ik gewoonlijk niet zo snel intervenieer in gesprekken of meningsverschillen tussen anderen, ook zal zijn het dierbaren. Of misschien vanwege een diepgewortelde loyaliteit naar jou. Ik weet het niet. Hoe dan ook, ik zeg:”Maar misschien heeft ze wel gelijk.”
Wow! Dat komt binnen bij je. Ik zie het. Je woede lijkt om te klappen in verdriet. Of neen, het subject van je woede lijkt zich te verplaatsen. Van Bianca naar jezelf. Ik zie ineens een stampvoetend jongetje. Een stampvoetend jongetje dat in de steek is gelaten. In de steek gelaten door zijn oudere broer, die er ineens van de ene op de andere dag niet meer was. In de steek gelaten door zijn ouders wier gemis aan hun eerste hen zo heeft overweldigd, dat er geen plek meer was voor de overblijver. “Zie je wel. Het is mijn schuld. Het is altijd mijn schuld.”
Ik loop naar je toe. Ik omhels je. “Nee. Er is helemaal geen schuldige. Niemand heeft schuld,”zeg ik. Rustig. Je kalmeert. Ik voel je radeloosheid wegebben. Ik voel ook iets tussen ons. Ik voel dat er iets gaat stromen tussen ons. Iets dat nog nooit eerder heeft gestroomd tussen ons. Ik heb jou nog nooit zo gevoeld. Ik raak er ontroerd van en de tranen wellen in mijn ogen. Wat voelt dit goed. Wat heb ik dit gemist. Wat heb ik jou toch mijn hele leven gemist.

 

006

 

De laatste keer dat ik je heb aangeraakt was in die vroege morgen op 18 juli 1978. Jij lijf voelde nog warm, onder de dekens. Maar je geest was al gevlogen. Het is al zo lang geleden. Maar toch ook weer niet.
Papa, ik hou van jou.

2 gedachten over “Het grote loslaten 21 – Papa”

  1. Prachtig!
    Ik wens je kracht om je verlies te dragen, tranen om je verdriet te uiten, en uiteindelijk een glimlach om zijn leven te herinneren en te vieren. Héél veel sterkte.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *